Sporten, eerste helft 2015

OK, ge had het waarschijnlijk wel al door, maar er is hier onwaarschijnlijk veel gelopen dit voorjaar. Ondertussen heb ik ook al mijn oude records aan diggelen geslagen. Daarom, enkele feiten op een rij.

Mijn doelstelling voor dit jaar was 750 km lopen. Ik heb er al 586 gelopen, ofte 78%. Moet goed komen dus, en dan is dat meer dan 2014 waarin ik 718 kilometer liep. Maar zover zijn we dus nog niet.

2015

In maart liep ik erg veel, en op slechte schoenen. Dat resulteerde in een scheenbeenvliesontsteking in april, waardoor daar merkelijk minder gelopen werd. Maar toch goed voor 76 km. Hoe ik verder liep met scheenbeenvliesontsteking en daar toch vanaf kwam leg ik u later wel eens uit.

Nu de moeilijkheid: de zomer doorkomen. Lijkt misschien gemakkelijk, want zomer wordt geassocieerd met mooi weer en veel tijd, dat is het hier allerminst. Tijd wordt beperkt door voltijds werken waar ik in het jaar 4/5 werk en ik op woensdagochtend vaak een lange loop in plan. Mooi weer slaat vaak om in veel te warm zoals nu. Ge snapt dat lopen in deze temperaturen niet echt aangenaam is en zelfs eerder ongezond. Het enige wat er op zit, is vroeg opstaan en gaan lopen. Maar ik ben al zo’n slechte slaper en ieder uurke dat ik slaap kan ik gebruiken, dus om nu om 5, 6 uur op te staan en te gaan lopen…

Als ge de afgelopen 4 jaar bekijkt zie je dat er in de zomermaanden bedroevend weinig gelopen werd. In augustus zelfs helemaal niks. Vorig jaar had ik nog een excuus (geblesseerd) maar de jaren ervoor niet eigenlijk. In juli werd er de afgelopen jaren amper gemiddeld 12 kilometer gelopen, in september (ook nog een beetje vakantie) gemiddeld 14 km.

Topmaanden zijn maart (80 km), april (73 km) en mei (71 km)(telkens gemiddeld over de vier jaar). Als ik ooit een marathon wil lopen kan ik beter mikken op eentje in het voorjaar precies.

Niet in de grafiek:
Er werd ook gezwommen, zijnde 9 km in februari, daarna hield ik het alweer voor bekeken.
Er werd ook af en toe eens een fietstochtje geregistreerd, waaronder deze leukerd.
En er werden een paar lessen crossfit gedaan. Onder het voornemen om ook eens iets aan die spieren te doen ipv alleen cardio, maar dat blijkt niet zo goed te lukken. Ik heb nog niet de ideale formule gevonden daarvoor.
Alles in totaal goed voor 81 uur 42 minuten sport op 183 dagen. Ofte 27 minuten per dag gemiddeld. Verre van de 40 minuten per dag van Kaat. Anderzijds, als ik al mijn fietsverplaatsingen zou mee rekenen zou ik daar veel gemakkelijker aankomen, denk ik.

Nog steeds op mijn verlanglijst: een start-2-crawl-reeks dat ik eindelijk eens deftig leer zwemmen. En een gespierder lijf, maar daarvoor zal ik dus meer krachttraining moeten doen hé.
Maar soit, al bij al toch zeer content met mijn prestaties. Ik voel me ook geweldig fit, dus daarvoor doen we het. En voor het plezier dat we er aan beleven natuurlijk.

Bike after work Brussel-Gent

Eens van Brussel naar Gent fietsen, dat was er eentje die al lang op mijn verlanglijstje stond. Zo na het werk naar huis fietsen, niet evident als je zo’n 60 km van huis werkt. Maar ook niet onoverkomelijk, als ge kijkt wat andere mensen in het weekend bij elkaar fietsen.

Maar. Twee problemen: de fiets en de route.

De route alleen zoeken, dat zag ik niet zo zitten. Gelukkig was er een paar weken geleden een oproep op onze intranetsite van het GMF. Dat ze een Bike-after-work organiseerden en dat iedereen mocht aansluiten. Leutig. Ik had nog een collega die dat ook al lang eens wou doen, en die zag dat meteen zitten om mee te gaan.

De fiets: ik heb een goeie fiets, daar niet van. Maar het is een zware trekkingfiets waar ik niet bepaald snel mee kan rijden (kosten aan het versnellingsapparaat) en voor zo’n afstanden is dat toch wel nodig, vind ik. Bovendien is hij dus nogal lomp en zwaar (18 kilo!), niet meteen handig om mee te nemen op de trein. Maar! Een paar weken geleden reed ik eens met de fiets naar mijn broer (17 km) en ik vond dat zo leutig dat ik een oproepje had gezet op fb dat ik droomde van een koersfiets en waar ik moest op letten en al. Gelukkig was er Johan, die hem net een nieuwe supersonische machine gekocht had en zijn oud bakske wel wou slijten aan mij. Perfect kader, perfect startprijsje, ikke blij. Maar er moesten wel andere pedalen op, want klikpedalen, dat zag ik niet zitten. Daar zou ik zo mee omvallen. Gewone pedalen werden er geïnstalleerd… de dag voor ik aan het tochtje Brussel-Gent zou beginnen. Op donderdagavond dan nog snel twee proefritjes gedaan (34 km) en op vrijdagmorgen had ik de fiets mee op de trein naar Brussel.

Ne koersvelo! Kan ik nog wat meer fietsen/sporten! #bike

En hup om kwart na vier, wij weg. Collega Bart had zijn koersfiets net iets langer dan ik (drie weken of zo) dus we waren beiden niet echt ervaren. Maar dat hoefde niet, er reden evengoed mensen mee met een gewone fiets, dus het was echt niet zo dat we ons in een wielerpeloton begaven.

... en over Vlaamse kerkwegels III

Eerst werden we Brussel uitgeleid door een ervaren Brusselfietser. Ik fiets regelmatig in Brussel, maar daaraan merk je wel dat Brussel nog minder fietsstad is. Minder voorzieningen en chauffeurs zijn ook niet zo voorzien op fietsers. Het betert wel langzaamaan (de voorzieningen) maar nog veel werk aan de winkel. En de chauffeurs, als die zo’n groep fietsers zien (we waren met 17) dan stoppen die wel. Maar toch, blij dat we Brussel uitwaren en wat minder draaien en keren en stoppen.

We fietsten via de knooppunten. Hele mooie fietswegen. Zalig echt, amper verkeer tegengekomen.
Het tempo was perfect. Niet te snel, niet te traag. Er werd regelmatig gestopt om te wachten op de laatste, te drinken, wat te eten.
Het weer was ideaal. In het begin wat warm misschien, maar de fiets werkt dan wel verkoelend. Mooi weer gehad zonder al te verschroeiende zon.
De fysiek was goed. Ik ben wel wat gewoon om te fietsen natuurlijk en mijn conditie is tip top in orde met al dat geloop. Al waren er natuurlijk wel pijntjes. Zadelpijn en rugpijn vooral. Maar niets dat met een stopje af en toe niet weg te werken viel.

Photo

Op km 50 kwamen we aan de overzetboot van Schellebelle en daar deden we ook een terrasje. Perfect op tijd. En ideaal om daarna aan de resterende 20 kilometer te beginnen. Eindigen op het Scheldepad aan de Gentbrugse Meersen, me zeer bekend want daar loop ik vaak eens.

Er was dan toch nog een attractie voorzien: het veer van Schellebelle - én het terras aan de overkant

De dag nadien was er géén spierpijn, de zadelpijn was ook niet voelbaar in dagelijkse activiteiten. Alleen de rug was eventjes geblokkeerd maar na een uurtje in de hangmat was dat ook gepasseerd. Zeker voor herhaling vatbaar! Op 4 september is er een nieuwe date. Wie gaat mee?

Meer sfeerbeelden: hier!

De rivier

Thé Lau en ik, we go way back.

Ik herinner me nog een momentje dat wij beiden nog op kot zaten en mijn pa ons voerde naar een festivalleke in Aalter. Waar The Scene en The Nits stonden. En we zijn meer dan één keer geweest. Ik herinner me ook een concert van Yasmine in AB, waar Thé Lau een aantal nummertjes kwam meezingen.

Toen bekend werd dat Thé Lau terminaal ziek was, raakte me dat dan ook. Kanker, het blijft een gevoelige snaar raken als uw vader daar ook aan is overleden.

We wilden dan ook bij het afscheidsconcert zijn en we raakten zelfs aan tickets. Tickets voor het aller- allerlaatste concert van één van mijn helden.*

En toen begon het me te dagen. Kan ik dat wel aan? Ga ik me daar geen hele avond een oog staan uitbleiten? Wat doe ik mezelf eigenlijk aan? Ik heb getwijfeld of ik ging gaan, want zelfs 4, 5 jaar na datum is het verlies van een geliefde nog altijd verscheurdend. Te pijnlijk om daar een woord voor te vinden dat beschrijft wat ik voel.

Maar ik ging toch. Ik wilde er echt bij zijn. En het viel mee. Er werd wel eens gebleit. Door het publiek, maar ook door de zanger. Hoe erg moet dat niet zijn, voor de allerlaatste keer in uw leven op een podium uw grootste hits “Blauw” en “Iedereen is van de wereld” te zingen. Maar als het te lastig werd voor de zanger, dan sleurde het publiek er hem door. Magische momenten.

Eén nummer benam me bijna letterlijk de adem. Het was me nooit eerder opgevallen. Hoe Thé Lau dat nummer bracht, dat gevoel. Sedertdien wordt dat nummer hier vaak gespeeld thuis. Door de man, door mij. Meestal voel ik me niet 100% als ik dat nummer opleg. En dan leg ik het gelijk 5 keer na mekaar op. Of tien keer. Iedere keer kippenvel.

Bedankt, Thé, voor al die mooie momenten.

Deze post stond al heel lang in draft. Blij dat hij zo lang in draft heeft gestaan, en dat hij toch nog een paar mooie maanden extra gekregen heeft…

Fietsen: een paar tips om te fietsen met kinderen

In navolging van mijn eerder artikeltje over fietsen: nu specifiek over fietsen met kinderen…

Wees een dictator op de fiets. Kinderen. Ik weet niet hoe het met de uwe zit, maar de mijne luisteren echt niet altijd van de eerste keer naar wat ik vraag. Maar in het verkeer is dat duidelijk, er is meteen ingepompt dat er in het verkeer niet onnozel gedaan wordt. Dat ze meteen moeten luisteren naar wat ik vraag/zeg/eis. En ze doen dat (meestal). Ook het vriendinnetje van Janne, dat iedere week mee rijdt naar de balletles, weet dat ondertussen. Het kind stopt meestal niet met ratelen op de fiets, maar als ik iets vraag, doet ze het ondertussen wel meteen.

Let op in de kinderen hun plaats. Let niet op de vieze plekken op de gezichten en kleren van de kinderen. Dat zijn details. Duizend ogen moet je hebben in het verkeer. Gefocust en attent zijn. Alle mogelijke situaties kunnen inschatten. De verhalen die mijn kinderen op de fiets vertellen, gaan vaak het ene oor in, het andere oor uit, omdat ik me in de eerste plaats concentreer op het verkeer. Al kan ik beiden ondertussen wel goed combineren, zeker op routes die we vaak doen.

Zeg ook voortdurend aan je kinderen waar ze moeten op letten en leg uit waarom “Hier moet je vertragen, want uit die straat kunnen auto’s komen”. “Altijd aan de rechterkant van de weg blijven, ook in bochten. Elk heeft zijn plaats in het verkeer, dat is ons plaatsje”. Enzovoort. Herhaal dat ook vaak, ja, zelfs iedere dag.

Waarschuw kinderen op voorhand Zeker als je een weg neemt die je nog nooit eerder gedaan hebt. “Straks komen we aan een groot druk kruispunt. Ik wil dat je dan goed oplet en goed luistert naar mij”. Janne antwoordt dan meestal: “Joepie, moeilijke dingen, dat vind ik veel leuker, dat is pas een uitdaging!”

Als het de eerste keer is dat kinderen echt in het verkeer gaan, eens oefenen op een rustig moment, zoals op zondag. Of in de vakantie, dan heb je soms wat meer tijd. En als je een vast traject moet doen, zoals naar school fietsen, vooraf een keertje oefenen in het weekend. Of je kan ook je looptenue aandoen en meelopen, dat corrigeert gemakkelijker. En je krijgt bewonderende blikken op school gratis erbij :-)

2015-06-04_1433400012

Rij naast je kind. Maak je groot. Waar dat niet mogelijk is, stuur ik mijn kind meestal voorop (“Janne, gij eerst, en aan de kant blijven, hé”).

Zorg als een leeuwin voor je kinderen. Eis je plaats op. Ik ga soms echt in het midden van de straat rijden om mijn kinderen te beschermen. Dan moeten de auto’s maar wat wachten of vertragen. En dan lach ik lief naar ongeduldige chauffeurs. En meestal valt het nogal mee met die boze chauffeurs, hoor. Ik vind de automobilisten behoorlijk hoffelijk als ze zien dat ik met kinderen op stap ben. Ze laten me al rapper eens door. Waarvoor dank.

Blijf kalm en beheerst. Niet beginnen gillen als het niet nodig is. Als je zelf met schrik fietst, ga je dat zeker en vast over zetten op je kinderen. En dat is zeker en vast nergens goed voor. Daarom: ga zelf ook meer fietsen zodat je meer ervaring krijgt. Pas op, soms roep ik ook in het verkeer. Maar dat is dan enkel als het echt nodig is en ik wil dat ze meteen stoppen. En dat is niet altijd op mijn dochters bedoeld. :-)

Door kinderen zo vroeg in het verkeer te gooien, kweek je weerbaarheid en krijgen ze geen onnodige angsten. Later leren fietsen is veel moeilijker dan er vroeg aan beginnen.

Voor beginnende fietsertjes kan ik ook de follow-me aanraden. Je kan ze dan deels zelf laten fietsen, deels aan jouw fiets koppelen. Ik schreef er al eerder over.

Dat klinkt allemaal heftig en al, maar hé, dat gaat heel goed hier. Enkele dagen geleden reed Sien voor het eerst helemaal alleen naar school. En ze deed dat prima!

En zo fietste de ieniemienie ook helemaal alleen naar school. #sien90210 #bike #fiets #korteritten

Met tijd en geduld kun je de grootste apen van kinders veilig leren fietsen. Ik ken er zo :-)

En onthou wat de juf van Janne zegt: “Ideaal fietsen nu. De auto’s staan toch stil.” Heerlijk.

Jumpsuits

Jumpsuits. De hype van vorige en deze zomer. Ik sta er niet mee. Ik heb er al minstens 200 geprobeerd, ja. Maar iedere jumpsuit slaagt er in om mijn sterke plekken te verdoezelen en mijn zwakke punten in de verf te zetten. Mja, zo doen we het dan maar niet hé.

Mijn kinderen vinden ze heerlijk. Janne heeft een lange en een korte. Heel zomers.

Jump. Jumpsuit. #latergram #jbc

Sientje heeft een lange, in een iets dikkere stof. Ideaal voor frissere lentedagen, zoals vandaag.

Genieten! #zon #efteling #jbc

OK, eerlijk is eerlijk. Een jumpsuit is niet altijd even handig. Sientje krijgt dat niet alleen toe. En als het frissekes is en ge moet naar het toilet zit je wel in je blootje in het toilet.

Maar toch. Zou ik er graag één hebben die me wel past. :-)

Beide jumpsuits kregen we van JBC van de Rainbow City Warriors collectie. Heerlijke dingen. Bij JBC hebben ze vaak leuke en degelijke kinderkledij, beide dochters hebben er wel wat spullen van. Alleen spijtig dat we er geen JBC in het centrum van de stad hebben. Gelukkig is er de webshop!

Dublin. Zotte stad.

Hoe gaat dat, citytrips? Op een zotte zondagavond zit je samen met een paar vrienden en zeg je “pfff, zo nog eens op citytrip gaan, gelijk vroeger, zonder kinderen, dat zou toch eens tof zijn?”. Twee minuten later heb je een datum voor een weekend en zit je achter de PC een bestemming te zoeken. Een paar maand later breng je de kinderen naar school en een paar uur later sta je in Dublin.

Maar wat een zotte stad, Dublin. Veel lawaai ook wel. Maar mooi ook.

Ze hebben er een fantastisch mooie bibliotheek in Trinity College.

Walhalla der boeken #dublin

Sedert kort mogen de holebi’s er ook trouwen.
Holebi celebration #dublin

Ze hebben er pubs. Pubs. Pubs. Niet te tellen hoeveel. Ik dacht dat we in België stevig konden drinken en uitgaan, maar dan moet je eens in Dublin gaan kijken. Ongelooflijke ambiance ook in die pubs, overal bandjes die aan het spelen zijn. Zottekes.

When in Dublin...

Ik dronk er de lekkerste gember-lemon-lemonade ever en nu ga ik op zoek naar een recept om dat zelf ook na te maken. Als ge er één hebt: stuur maar door! Bij Jo burger, ideaal terraske rechtover de ingang van Jameson whiskeybrouwerij. Ook een heerlijke zoete aardappelburger. Als (semi)vegetariër vind je overal uw goesting in Dublin.

Soms drinken wij ook eens geen alcohol. #gingerlemon

Waar ik helemaal lyrisch over ben, is over Avoca. Winkel beneden en helemaal boven kun je eten. We hebben er gebruncht, maar lekker, echt ongelooflijk. Ik bestelde er een groene smoothie en ik was er niet gerust op, want ik had nog nooit een lekkere groene smoothie weten te brouwen. Maar nu weet ik dus dat het wel kan. Zo lekker, niet te doen. (spinazie, boerenkool, appel, peer, munt). En ik kocht de lekkerste granola ever daar. En ik wil ook een dekentje van daar. En hun kookboeken. En al dat lekkers van daar dat ik niet heb kunnen proeven omdat ik al gegeten had. Ik wil een Avoca in Gent!

Wie zet me zo een ontbijtje klaar? #latergram #dublin #avoca #beestiglekker

We huurden er ook fietsen (aanradertje!)

FullSizeRender

En reden naar het gevang. Helaas was de mooiste vleugel wel gesloten wegens restauratie. Indrukwekkend wel.

Sneakin' in the prison cell

Topgezelschap!

IMG_4286

Topweekendje!

Topweekend gehad! #dublin

(Ook al waren er op het thuisfront een aantal dingen die ons zorgen baarden… Het leven is niet altijd mooi, dat zien we de laatste tijd weer meer dan genoeg, helaas)

20 km door Brussel 2015

De 20 kilometer door Brussel. Je houdt er van of niet. Er valt daar veel op aan te merken. Dat ze niet mee zijn met de andere grote evenementen bijvoorbeeld. Een slechte website, met amper nuttige info op. De communicatie verloopt voornamelijk in het Frans. Geen vlotte bewaakte vestiaire, waar dat bij andere grote evenementen (Brugge, Antwerpen…) heel vlotjes gaat tegenwoordig. Startvakken ja, maar om de vijf minuten start er een vak met 6.000 lopers waardoor er eigenlijk té veel volk op het parcours zit.

En toch trek ik ieder jaar met veel plezier naar Brussel.

Ik organiseer me zo dat ik de vestiaire niet nodig heb. En dat lukt best eigenlijk. Een oud vestje mee dat ik aan een hekken bind en na de aankomst terug ga oppikken.

Afgesproken met Mikaël. Hans kon er deze keer niet bij zijn. Mijn ambities voor de start? Uitlopen en genieten, zoals altijd. Op wedstrijden kijk ik niet naar hartslag en snelheid, ik wil gewoon mijn eigen tempo lopen en genieten. Een paar minuten afsnoepen van mijn vorige besttijd zou mogelijk moeten zijn. Ik deed drie keer eerder mee: 2:21, 2:12 en 2:08. “Veel progressiemogelijkheid”, zei ik altijd. En mijn tempo in Antwerpen en Brugge lag ook best hoog, dus ik hoopte ergens op 2:04 te eindigen. “Ooit zou ik graag eens onder de 2 uur lopen op een halve marathon, maar het zal hier niet zijn”, zei ik nog tegen Mikaël. Brussel is echt een heel zwaar parcours, geen meter vlak. Wel eigenlijk maar 20,2 km, dus ook geen halve marathon.

Yes we can ! #20kmdoorbrussel #wemissenernogeenopdefoto

Bon, starten dan. Beetje “gezeurd” en in startvak 3 gekropen (in plaats van 5) maar dat was enkel omdat we de ballonnen wilden volgen en in ons startvak zagen we er geen. Mikaël voor de ballon van 1:45, ik wou wel eens zien hoe lang ik die van de 2:00 kon volgen. Maar tegen dat we gestart waren was ik de ballon al kwijt. Niet erg, ik liep op mijn gemak.

Heerlijk loopweer eigenlijk. Heel de week gevreesd voor te warm weer, maar zalig. Geen verschroeiende zon en af en toe wat lichte verfrissende regen of een verfrissend windje. Ideaal weer eigenlijk om een toptijd neer te zetten. Ik passeerde de 5 kilometer in net geen 31 minuten, dus dat was ongeveer wat ik verwacht had.

Rond een kilometer of 7 zag ik plots de ballon van 2:00. Geen idee van waar die ineens kwam. Toch maar eens geprobeerd om die te volgen en dat lukte, heb zelfs een kilometertje voor de ballon gelopen. Maar toen ging die me voorbij en ik bleef er achter, tot maximaal 50 meter denk ik. Maar ik was er toch van overtuigd dat die 2 uur niet gingen lukken, want die was wellicht minuten voor mij vertrokken of zo.

Km 10: tweede gelleke, ik had er ook eentje genomen vlak voor de start. Best een risico, want nog nooit gelopen op gellekes. Slecht dat dat is. Maar het werkte precies wel. Doorgekomen in iets minder dan een uur, maar het zwaarste deel moest nog komen natuurlijk.

Kilometer 14 doorgekomen op 1:22. Snel rekenen leerde me plots dat een tijd onder de twee uur er echt wel in zat, als ik mijn tempo kon aanhouden. Dat was echt een beetje een zot besef, dat het eigenlijk wel zou kunnen, die magische twee uur. Dus gingen we voor zo snel mogelijk zo lang het vlak was en dan overeind blijven op dé berg. En niet beginnen flippen.

Kilometer 18: afzien hé, afzien. Maar plots hoorde ik mijn naam roepen. Nadine, de kindjes en haar ouders. Zo leuk! Kilometer 19 is terug vlak en dan zie je de boog al. Laatste kilometer was echt de max, ik had nog 9 minuten om onder die twee uur te blijven voor 1,2 km en zo traag loop ik zelfs op een trage LSD niet :-)

Nog effe doorgaan, en eindigen in 1:57:46. Zotjes, ik had dit écht niet voor mogelijk gehouden. Tien minuten sneller dan mijn vorige besttijd vorig jaar. Ik heb dit eigenlijk nog nooit gehad door het lopen, maar ik was een beetje emotioneel erna… (zo erg zelfs dat ik mijn medaille omgekeerd vasthield)

Ik deed iets waarvan ik dacht dat het onmogelijk was. Ik liep de 20 van Brussel in minder dan 2 uur. #zotjes #1:58 #beetjeemotioneelnu #20kmbru
Alleen… Hoe moet ik nu ooit beter doen? :-)

Brussel

Thuis komen en twee schattige meisjes aantreffen met elk een boeket bloemen in hun handjes. Topdagje!

Fietsen: tips & tricks (1)

Oké, ja, wie me een beetje kent, weet ik een beetje fietsgek ben. Zeker in de stad doe ik alles liever met de fiets dan met de auto. Ook met de kinderen, ja, die zijn ondertussen al gebrainwashed door mij. “Ja, fietsen is veel gezonder hé, dan zo in de auto zitten. Wij doen ondertussen ook aan sport hé, mama!” en ook: “Wij zijn veel sneller hé, mama, want wij moeten niet in de file staan en geen parkeerplaatsje zoeken.” Of ook wel: “Wat wij doen, is goed voor het milieu, hé”. Ha!

Ik probeer daarin aanstekelijk te zijn voor mijn niet-fietsende vrienden, maar waar ik nogal aanstekelijk lijk te werken voor bijvoorbeeld lopen, lijkt dat minder goed te werken voor fietsen. Helaas. Want fietsen heeft een pak voordelen. En we denken tegenwooridg toch allemaal ecologisch? Allerlei excuses komen dan op tafel waarom fietsen niet lukt, maar heel vaak merk ik dat het een beetje angst voor de fiets in het verkeer is. Het verkeer, waar zij als auto uiteraard ook deel van uitmaken. Bang met kinderen, maar even goed zonder kinderen.

Daarom geef ik als jarenlange expert in het (stads)fietsen graag een paar tips & tricks mee.

1. Zorg dat je gezien wordt En daarmee bedoel ik niet dat je als een flikkerende kerstboom door de stad moet rijden. Pas op, ‘s winters als het donker is zal ik dat wel doen, lichtjes overal en fluohesjes aan. Maar op een heldere dag zie ik het nut van een fluohesje niet in. Uiteindelijk rij ik meestal als het licht is. Maar wat ik wel bedoel is: maak je groot en zorg ervoor dat de chauffeurs je zien.

2. Maak oogcontact met de andere verkeersdeelnemers (zowel automobilisten, fietsers, voetgangers dus). Een hele belangrijke dat. Je bent pas zeker dat ze je gezien hebben als je oogcontact maakt met de andere. Aan de blik/gebaren van de andere chauffeur kan je vaak ook uitmaken of je kan doorrijden of beter meteen stopt. Als de blik stuurs is en ze kijken je niet aan: stop dan maar beter. Krijg je een knikje of teken: steek dan in alle veiligheid over. Als je twijfelt kan je maar beter stoppen. We nemen geen risico. De oogcontactregel is er éne die ik zowel met de auto, fiets als voetganger gebruik.

3. Maak zelf ook duidelijk wat je wil/gaat doen. Uw ogen kunnen boekdelen spreken. “Ik eerst!” bijvoorbeeld. Of “Pas op, er fietsen kinderen naast mij”. Ja, ik kan dat allemaal zeggen met mijn ogen, ja. Met mijn indringende fietsblik. Als dat niet lukt, begin ik wel te zwaaien. Pas in laatste instantie begin ik te roepen.

4. Wees assertief, maar beleefd. Eis uw plaats op in het verkeer, echt, je bent een volwaardige gebruiker van de weg. Maar als er u een vriendelijke automobilist doorlaat, ook als je eigenlijk geen voorrang hebt, zeg dan zeker “Bedankt”. Steek uw hand eens op, geef een vriendelijk knikje. Dan doen ze dat de volgende keer misschien opnieuw. Is het niet voor u, dan wel voor een andere fietser. Een vriendelijk gebaar, iedereen wordt er beter van.

5. Drukke wegen? Dat is omdat je je concentreert op de route die je normaal neemt met de auto. Kijk eens op de kaart of zo en zie dat er veel betere/veiligere alternatieven zijn. Die veel aangenamer fietsen. Soms zonder auto’s zelfs. In Gent heb je een aantal fietssnelwegen (Melle/Merelbeke, Wondelgem, …) Wedden dat je sneller bent dan met de auto?

6. Ver? Zie hierboven. Het is niet omdat je met de auto de hele stad moet rondrijden dat je dat met de fiets moet doen hé. Shortcuts. Lekker binnendoor. Je ziet nog eens iets leutigs. Heerlijk. Het is niet omdat het met de auto ver is, dat het met de fiets ver is.

7. Is het echt te ver? Overweeg dan een elektrische fiets. Ja dat kost wat, maar dat haal je er snel uit. Nu heb ik er geen, dat is wat overdreven voor mijn korte afstanden in de stad. Maar als ik iedere dag 15 à 20 kilometer zou moeten fietsen, ik zou niet twijfelen. Of indien nog verder is een combi openbaar vervoer-plooifiets misschien wel iets?

8. Regen? Dat valt best nogal mee, hoor. Als je ver gaat fietsen, kun je regenkledij kopen. Nooit elegant, maar het hoeft niet duur te zijn (check Hema, Decathlon, …) . Zelf fiets ik meestal niet zo ver en ik gebruik weinig specifieke regenkledij. ‘s Morgens kijk ik of het regent en dan kleed ik me daarnaar. Als ik ‘s avonds onverwacht met een nat pak thuis kom… tja, dan doe ik gewoon verse kleren aan. Simpel toch?

9. Als je niet gewoon bent om te fietsen, of het is pakweg van je tienerjaren geleden: oefen eerst wat. Ga eens wat fietsen op zondagmiddag of op rustige momenten. Verken de straten, verken de buurten. Verken je fiets en kweek fietsvaardigheden.

10. Ooh ja. Iedere fietsbeurt telt Maar het is niet omdat je meestal met de fiets gaat, dat je het nooit meer met de auto mag doen. Er bestaan altijd omstandigheden waarin het interessanter is om met de auto te gaan. Maar geef toe: soms/vaak zou het toch wel eens lukken met de fiets? Ewel? Waar wacht je op?

En dan hoop ik dat ik een beetje aanstekelijk gewerkt heb. Allez toe. Probeer het eens. Het wordt schoon weer (hoop ik), het is echt dé moment bij uitstek om het een (paar) kans (en) te geven. Echt, ge gaat versteld staan. Het is heerlijk.

Peloton

Allez hop, nog eens de voordelen van fietsen op een rijtje:
1. geen file. Echt, ik word zot van in de file te staan. Nergens voel ik me meer opgesloten als in een auto in een file.
2. geen parkeerplaats zoeken. Tenzij je zo één van die geluksvogels bent die altijd knal voor de deur kan parkeren. Oeps, in de stad kan dat niet.
3. veel goedkoper. Geen parkeergeld, geen benzine, geen verzekering. Tel maar eens op. Voor de prijs van één groot onderhoud van een gemiddelde wagen koop je een degelijke nieuwe fiets waar je gemakkelijk een jaar of tien mee verder kunt. Onderhoudskosten van de fiets zijn verwaarloosbaar in vergelijking met de kosten voor een auto.
4. je kan er geld mee verdienen. Check eens de voorwaarden op uw werk, tegenwoordig kan je vaak fietsvergoeding krijgen. Dubbele winst: minder kosten, meer opbrengsten.
5. je doet er sport mee. Bij mij valt dat nogal mee, maar mijn broer en schoonzus bijvoorbeeld, die fietsen elke dag van Oosteeklo naar Gent (25 kilometer enkel) (met een elektrische fiets). Mijn broer is 15 kilogram afgevallen sedert hij dat doet.
6. oh ja, het is ook nog goed voor het milieu. En voor de leefbaarheid in de stad. Ook niet onbelangrijk!

Dit was deel 1. Binnenkort een paar tips over fietsen met kinderen.

Jaarlijkse tradities houden we in stand

Nog eens naar de beste camping ter wereld geweest. Een jaarlijkse traditie waar we niet van afwijken. Met alweer ander, tof gezelschap. Met Nike-die-niet-meer-blogt en co.

Quand on a que l'apéritif...

OK. Daar kijken we een beetje serieus. Maar dat was ook soms anders. Ja, dat is het nichtje ja.

Lienie en Tienie #nichtjes

We gingen er -ook naar jaarlijkse traditie- op bezoek bij Maria.
Verschijning

Ja, ook de kindjes waren mee, ja.
De jaarlijkse Maria-verering...

We stuurden de kinders door bloemenvelden.
Bloemenmeisje.

Hielden een meeting met de anciens van de camping (ze openden samen met ons de camping in 2008)
De veteranen van L'Escargot...

En lieten die ook babysitten toen wij in het bubbelbad gingen. (Stefan was er niet echt bij, we plakten zijn hoofd er nadien bij. Of toch?)
Live vanuit het bubbelbad

En ja, het microklimaat deed zijn werk. Meestal mooi weer, één dag bewolkt en wat regen maar dan zaten we in de grotten van Remouchamps.
Adoratie

We keerden alleszins bruin en verbrand en vervellend terug.

Camping l’Escargot. ‘t Blijft een aanradertje!

Dwars door Brugge 2015

Met een weekje vertraging: Dwars door Brugge (10 mei) versus Antwerpen Ten Miles (26 april):

Afstand:
15 km versus 16,1 km. Hoe verder de afstand hoe beter, toch? (0-1)

Leeftijd:
Bij allebei een jubileumeditie. 35 jaar voor Brugge, 30 jaar voor Antwerpen (1-1). Hoera voor beiden!

Bereikbaarheid:
Brugge start en eindigt knal aan het station. Heel handig dus. Antwerpen was met het openbaar vervoer (trein, tram) ook vlot bereikbaar, maar een start en stopplaats aan het station, daar ben ik heel blij mee. (2-1)

Deelnemers:
De cijfers weet ik niet zo precies, maar pakt 30.000 in Antwerpen en 4500 in Brugge. Stukken kleiner dus. (2-2). Hoewel wat kleiner zijn ook zijn voordelen heeft.

Organisatie:
Bij beiden voldoende WC’s, snelle bagage afhandeling, voldoende bevoorrading onderweg,… Vlekkeloze organisatie. Voor elk een punt dus (3-3)

Parcours:
Dat van Antwerpen was mooi, maar Brugge was zoveel mooier… Smalle straten, mooie pleinen. Ja, er moet minder volk over hé, dus ge moet niet naar de grote brede lanen gaan zoals in Antwerpen. (4-3)

Prijs:
Antwerpen 25 euro maar daar kreeg je wel een t-shirt bij. Brugge 15 euro, zonder t-shirt. Maar echt, ik heb het een beetje gehad met die t-shirts, dus dat vind ik geen gemis. (5-3)

Supporters:
in Antwerpen stond veel volk aan de kant… Maar in Brugge nog veel meer. Veel toeristen ook denk ik. Het was natuurlijk schitterend weer, dat helpt. In Brugge had ik bovendien mijn eigen persoonlijke supporters, zijnde mijn tante en nichtje (twee keer!) en vriendinnetje Caroline met haar pa en oudste dochter. Heerlijk! (6-3)

Wat mij persoonlijk betreft dan:

Aantal keer:
3 keer Brugge (2005-2006-20015) en twee keer Antwerpen (2005-2015)

Gezelschap:
In Brugge gezelschap op de trein gezelschap van Mikaël en Hans. Tijdens het lopen mijn persoonlijk Haasje Hans. Heel plezant altijd om naar zijn komische opmerkingen te luisteren onderweg. In Antwerpen had ik gelukkig Evelien voor de start maar voor de rest wat eenzamer.

Dat we er weer klaar voor zijn! Dwars door Brugge, 15 km lang

Tijd
1:27:40 ofte een pace van 5:51 min/km. In Antwerpen was ik tien seconden per km trager dus, 6:01. Top gelopen op beide, maar Brugge was dus nog net iets beter.

Scheenbeen:
Ik slaag er in de scheenbeenvliesonsteking onder controle te houden, ondanks dat ik wel verder loop. In Antwerpen voelde ik het de hele tijd, in Brugge eigenlijk niet. Ook niet achteraf terwijl ik na Antwerpen een week niet gelopen heb)

Stijfheid
Hoewel ik veel loop (we zitten aan 400 km voor dit jaar) ben ik toch altijd stijf na een wedstrijd. Omdat ik dan mijn snelle spieren gebruik en op een training niet. Op training loop ik gemakkelijk een minuut per km langzamer. Na Antwerpen was het heel erg, na Brugge al veel beter. Mijn snelle spieren geraken alweer wat ontwikkeld zeker?

Andere kwaaltjes:
Nergens last van tijdens het lopen, maar na het lopen werd ik weer een oud zeer gewaar. Pijnlijke, blauwe teennagel. Heerlijk. Ik had beter deze tip vorige week gekregen ipv nu pas. ;-)